Wie spreekt er voor het kind?
Op een symposium van NPV over draagmoederschap kreeg ik onlangs de kans om te spreken. Voor de duidelijkheid: de NPV presenteerde het symposium niet als een neutrale verkenning. Op haar eigen website voerde zij tegelijkertijd campagne tegen de nieuwe draagmoederschapswet met de slogan: "Een kinderwens is begrijpelijk, een kind krijgen is geen recht" en een petitie tegen het wetsvoorstel. Andere sprekers waren draagmoederschapskind Olivia Maurel, oud-kinderrechter Cees de Groot en VN-rapporteur Reem Alsalem.
De NPV is een christelijke belangenorganisatie die vanuit Bijbelse waarden standpunten inneemt over medische en ethische kwesties. Zij benadrukt de beschermwaardigheid van menselijk leven vanaf het prilste begin tot het levenseinde. En daarmee zijn de spelers duidelijk. Ik voelde mij in het hol van de leeuw. Maar ik vond het belangrijk om ook mijn geluid te laten horen. Zoals ik vaak zeg: praat niet óver draagmoeders, praat mét ons. Journalisten die meelezen: ik sta niet alleen en ik kan moeiteloos een horde draagmoeders op de been brengen die hetzelfde zullen zeggen.
Hoewel we fundamenteel van mening verschillen, delen we één belangrijk uitgangspunt: kinderen zijn geen producten en niemand heeft recht op een kind.
Juist daarom verbaast het me dat voorstanders van zorgvuldig draagmoederschap zo vaak wordt verweten dat we het belang van kinderen uit het oog verliezen. Dat verwijt raakt niet alleen mij, maar ook de wensouders, draagouders en volwassen draagmoederkinderen die ik in de afgelopen jaren heb leren kennen.
Laten we daarom eens kijken naar de bezwaren die werden genoemd.
"Een kind wordt bij de geboorte gescheiden van zijn moeder"
Dit argument klinkt krachtig, maar gaat uit van een aanname die niet bewezen is. Namelijk dat de overdracht van een kind aan de wensouders per definitie schadelijk is. Er is geen wetenschappelijk bewijs dat een zorgvuldige overdracht op zichzelf schade veroorzaakt. Tegelijkertijd weten we dat de omstandigheden rondom een geboorte ertoe doen. Daarom is zorgvuldigheid zo belangrijk.
Toen ik draagmoeder was, werd er geen kind uit mijn armen weggerukt. Ik kreeg alle ruimte om afscheid te nemen. Ik hield beide meisjes na hun geboorte vast voordat ik hen in hun vaders’ armen legde. Dat was geen traumatische gebeurtenis. Het was juist het moment waarvoor we ons jarenlang samen hadden voorbereid.
Bovendien ontstaat hechting niet als een magische gebeurtenis tijdens de bevalling. Ook ouders die hun eigen kind krijgen, bouwen die relatie vaak in de weken en maanden daarna op. Dat hebben de vaders ook gedaan.
"Kinderen hebben rechten, wensouders niet"
Daar ben ik het deels mee eens. Er bestaat inderdaad geen recht op een kind.
Maar uit die stelling volgt niet automatisch dat draagmoederschap verkeerd is. De relevante vraag is: worden de rechten van het kind beschermd? Wat mij betreft hoort daarbij dat kinderen hun ontstaansgeschiedenis kennen. Niet pas vanaf hun zestiende, maar vanaf het begin. Openheid moet de norm zijn. Daarom pleit ik voor transparantie, registratie en contactmogelijkheden.
"Het perspectief van het kind ontbreekt"
Dat is een opmerkelijke bewering. Er zijn volwassen draagmoederkinderen die kritiek hebben op draagmoederschap. Hun stem verdient aandacht. Maar er zijn ook kinderen en volwassenen die positief terugkijken op hun ontstaan via draagmoederschap. Hun stem verdient eveneens aandacht. Een debat wordt niet kindgericht doordat we één draagmoederkind selecteren en alle andere ervaringen negeren.
"Draagmoederschap is in strijd met het Kinderrechtenverdrag"
Oud-kinderrechter Cees de Groot stelt dat een kind recht heeft om door zijn biologische vader en moeder te worden opgevoed. Dat is echter niet wat het Kinderrechtenverdrag zegt. Als zijn interpretatie juist zou zijn, zouden ook eiceldonatie, zaaddonatie, pleegzorg, stiefouderschap en een deel van de bestaande gezinsvormen problematisch worden.
Sterker nog: zijn redenering lijkt ertoe te leiden dat draagmoederschap met een embryo van beide wensouders wel mogelijk zou moeten zijn, terwijl draagmoederschap met donorconceptie niet mogelijk zou zijn. Dat onderscheid wordt niet uitgelegd.
Het Kinderrechtenverdrag gaat over de belangen van kinderen, niet over de opvatting dat alleen biologische ouders volwaardige ouders kunnen zijn.
Overigens was Mr. De Groot mij sowieso kwijt toen hij begon over hormonen en lactatie. Ik heb nooit gehoord dat dat een keuzevak is in een juridische opleiding. Dat maakt hem geen expert, maar gewoon iemand met een mening. En “intuïtie” is een ander woord voor onderbuikgevoel. Laten we daar onze keuzes niet op baseren.
"Legalisering zorgt voor een groeiende markt"
Misschien. Maar meer draagmoederschap is niet automatisch slechter draagmoederschap. Op dit moment zien veel mensen af van een zorgvuldig traject omdat de juridische onzekerheid groot is. Goede regelgeving zal ervoor zorgen dat juist de veilige en transparante trajecten toenemen. Dat lijkt mij winst.
"Draagmoeders worden uitgebuit"
Uitbuiting bestaat. Daar moeten we eerlijk over zijn. In sommige landen worden vrouwen onder druk gezet of financieel afhankelijk gemaakt. Maar uit het bestaan van misstanden volgt niet dat ieder draagmoederschap uitbuiting is. We verbieden ook niet alle arbeid omdat arbeidsuitbuiting bestaat.
De nieuwe Nederlandse wetgeving probeert juist waarborgen in te bouwen: screening, counseling, juridische toetsing en toezicht. Dat verkleint risico's aanzienlijk.
"Betaling maakt draagmoederschap onethisch"
Ik deel de zorg over hoge bedragen. Grote financiële prikkels kunnen verkeerde keuzes uitlokken. Maar ik vind het minstens zo vreemd dat iedereen rondom een traject betaald mag worden behalve degene die daadwerkelijk het zware werk doet. Degene die zwanger is, die de risico’s loopt en die het ongemak en de pijn heeft. Een redelijke vergoeding is iets anders dan een commerciële markt. Dat onderscheid moeten we absoluut maken.
Over Olivia Maurel
Ik respecteer Olivia's verhaal. Oprecht. Maar haar ervaring is niet de enige ervaring. Olivia ontdekte pas op volwassen leeftijd hoe zij ter wereld was gekomen en groeide bovendien op met verschillende nanny's. Dat maakt haar verhaal complexer dan alleen draagmoederschap. Dat haar ervaring pijnlijk was, betekent niet dat alle draagmoederschap schadelijk is. Net zoals mijn positieve ervaringen niet bewijzen dat alle draagmoederschap goed verloopt. We zouden voorzichtig moeten zijn met het verheffen van individuele ervaringen tot universele waarheden.
Kinderen centraal
Misschien is dat uiteindelijk wel mijn grootste bezwaar tegen de stellingnames van de andere sprekers op dit symposium. Tegenstanders zeggen vaak dat voorstanders de belangen van kinderen niet centraal stellen. Maar dat wij het ergens over oneens zijn, betekent niet dat de ander geen oog heeft voor kinderen.
De wensouders die ik heb ontmoet, hebben jarenlang nagedacht over de vraag of zij een kind een goed thuis kunnen bieden. Draagmoeders worden in Nederland steeds zorgvuldiger begeleid. En velen van ons pleiten juist voor meer openheid over afkomst, meer rechten voor kinderen en betere bescherming van alle betrokkenen.
Niemand heeft recht op een kind. Maar ieder kind heeft recht op een eerlijke discussie over zijn of haar belangen. En die discussie wordt pas echt eerlijk als we ruimte maken voor alle ervaringen, niet alleen voor de ervaringen die ons eigen standpunt bevestigen.
Door Pauline van Berkel
Voorzitter Stichting Zwanger voor een Ander
2 juni 2026
Pauline van Berkel is voorzitter van Stichting Zwanger voor een Ander, zelf draagmoeder geweest en schrijft regelmatig over draagmoederschap, wensouderschap en reproductieve ethiek.