Blog Esther

Esther is draagmoeder. Ze houdt haar beleving van haar draagmoederschap voor ons bij in een blog. Lezen jullie mee?

Hallo, ik ben Esther, ik ben 32 jaar oud en kom uit de Randstad. Ik ben docent, moeder en momenteel 23 weken zwanger.
Dit is mijn derde zwangerschap, ik hoop over een tijdje een tweede kindje op de wereld te zetten en ik ben voor de eerste keer draagmoeder .

Omdat mensen in mijn omgeving heel wisselend, met veel vragen en vooral onwetend reageren op mijn draagmoederschap, leek het me leuk om over het hele proces een blog te schrijven.
In mijn hoofd ben ik namelijk ‘gewoon’ nog een keer zwanger, maar tegelijkertijd ook zeker niet. Ik ben niet in verwachting van een kindje, dat gaat bij een hele lieve andere papa wonen, in een ander huis. Zoals ik tegen mijn ‘eigen’ kindje zeg: wij hebben momenteel een logeerbuik.

Ik probeer voor mezelf en voor jullie een logische volgorde te bedenken om dit op papier te zetten, en ik begin denk ik maar met de aanleiding van het blog: de reacties en onwetendheid van mensen die draagmoederschap nog niet eerder zijn tegen gekomen. Ik wil voor nu de meest voorkomende reacties van bekende volwassenen, mijn leerlingen en mijn dochter langslopen.

Wij zijn al lang hiermee bezig, de wensvader en ik, en hebben er met veel mensen, verschillende mensen over gepraat. In eerste instantie met elkaar: gaan we dit ‘echt’ verder uitzoeken, wat willen we, welke stappen willen we ondernemen, zitten we in grove lijnen op dezelfde lijn? Ja dus.

De volwassenen in mijn omgeving.

Behalve met de wensvader heb ik met veel mensen uit mijn omgeving gepraat over mijn wens nog een keer zwanger te willen zijn, maar eigenlijk niet nog een kindje voor mezelf te willen houden en opvoeden. Mijn kindje en ik, wij zijn compleet.
Voorwaarde voor draagmoederschap en veelgestelde vraag: ‘Wil je dan niet nog een kind voor jezelf, misschien ooit?’
Ik ben nu co-ouder over ons eerste kindje, single-ish, en veel mensen willen graag zelf meer kinderen. Nog steeds, nee. Ik voel me compleet, ik wilde dit liever doen, eerst doen. Als ik misschien nog iemand tegenkom, dan moet er (weer) heeeeel goed gepraat worden over nog een kindje, als die er niet al is/zijn van een nieuwe partner en we dus een supersamengesteld gezin zouden gaan worden.

Veel gehoorde reactie nummer twee: ‘Wat mooi!!! (“Dankjewel”), maar dat zou ik nooit kunnen! Mijn kind afstaan.’ Ik was heel blij met deze reactie naar de groep ‘Zwanger voor een Ander’ te kunnen stappen, want ik wist niet zo goed wat ik met deze reactie aanmoest.
Hij bleek heel veel voorkomend te zijn, hoorde ik van ervaren draagmoeders. Inmiddels zeg ik op zo’n moment vol overtuiging dat ik dat snap en dat men het dan niet eens moet overwegen, en daar geloof ik ook in.
Het is nogal wat, draagmoederschap: emotioneel, juridisch en voor het leven, ons leven en dat van het kindje, daar kwam ik gaandeweg steeds meer achter.

Ik denk, en andere draagmoeders hebben daar ook over geschreven naar mij, dat ik het wel kan. Misschien wordt het lastig, maar dat maakt het niet onmogelijk.

Het huidige gevoel daarin besprak ik met een andere zwangere draagmoeder: het is echt anders zwanger zijn, dit voelt namelijk voor mij als een mooi en gewenst kindje, maar niet MIJN kindje. Ik ga dan ook niet MIJN kindje afstaan, ik ga het geven aan de persoon voor wie wij het bedoeld hebben, de wensvader.

Nu ik eenmaal zwanger ben en ik altijd eerlijk ben over wat het plan is, slaan volwassen reacties voor mijn gevoel ineens de andere kant op. Te weten: ‘Je gaat het kindje toch nog wel zien?!’ Alsof afstaan meteen betekent dat ik het uit mijn leven ban. Nee dus.

De wensvader mag het kindje opvoeden, hij mag alle beslissingen over het kindje nemen, en ik ben van mening dat hij het zonder mijn invloed tot een goed persoon kan laten opgroeien. Het kindje zal mij echter altijd (mogen) kennen en zien. Het heeft volgens de wet recht te weten wie zijn/haar ouders zijn, en dat ben ik, biologisch gezien, voor de helft.
Wij hebben nu afgesproken (en dat gebeurt vaak en wordt aangemoedigd) dat wij (mijn kindje en ik, de wensvader en zijn kindje) elkaar één of twee keer in de maand zullen zien, als en zolang dat voor iedereen goed voelt.

Ook bijzondere dagen, zoals Moederdag en de verjaardag van het kindje, daar zullen we samen aandacht aan besteden. Het kindje zal zonder geheimen, maar leeftijdsgebonden, weten dat ik het heb gedragen en dus biologisch de moeder ben. Ik zal alleen geen mama worden, ik hoop misschien die toffe ‘tante’. Die vrouw naar wie het ook toe kan gaan met vragen, of het nou bijles is of een eerste verliefdheid.
Of gewoon om een kopje thee te drinken en te spelen of kletsen met mijn kindje.

Jongeren bij mij op school.

Toen ik mij net oriënteerde op het onderwerp draagmoederschap heb ik een aantal wat oudere leerlingen ondervraagd over gezinsvormen.

Hoe zouden zij het vinden / kenden zij iemand die opgevoed was door twee mannen, door een bewust alleenstaande ouder of met hulp van een draagmoeder of donor was geboren?

De conclusie uit die vragen was vrij simpel. Als er openheid zou zijn over hun achtergrond en zij niets aan liefde of basisbehoeften tekort kwamen, zou de samenstelling volgens hen niet veel uitmaken. Dit stelde mij gerust omdat dit altijd ons plan en onze insteek is geweest.

Inmiddels is er ook de reactie van mijn leerlingen op mijn bijzondere zwangerschap, want ja, die weten het hele verhaal. Ze zien de buik van hun docente toch wel gestaag groeien namelijk.
Ik heb er met elke klas een lesuur voor uit getrokken en veelal aan besteed. Wat ik merk aan hen: kinderen tussen twaalf en zestien hebben (nog) geen mening, (voor-)oordeel of emotie over draagmoederschap.
Ik vond dat heerlijk. Hun vragen waren open, nieuwsgierig en varieerden van
‘Maar… hoe dan?’ (biologie in de praktijk-gericht) tot
‘Mogen we u dan ook feliciteren met uw zwangerschap?’ Ja hoor, ik vind het erg leuk namelijk.

Last but not least, misschien juist wel het belangrijkst: de reactie van mijn kindje. Mijn kindje is nog jong, net drie jaar geworden.
Ik heb in alle gesprekken en beslissingen haar en het nieuwe kindje altijd voorop gezet. Wat zou zij ervan vinden, hoe zou dit allemaal impact hebben op haar? Ik had niet het idee dat ik dit vooraf met haar kon bespreken, maar toen het eenmaal ‘gelukt’ was, heb ik het haar snel verteld. Ik heb een boekje over mijn logeerbuik voor haar gemaakt, waar ik met foto’s ons verhaal heb verteld. Zij vindt het heel leuk, en voor zover ik dat uit haar reactie kan opmaken, snapt ze het goed. Ook hieraan wil ik op een later moment meer aandacht besteden, maar ik denk dat dit voor nu meer dan genoeg ‘introductie’ is.

Misschien de docent in mij, maar ik sluit eigenlijk altijd af met de opmerking dat ik liever nog 100 andere vragen beantwoord, zeker hierover, dan dat men gaat Googlen. Ik behoud het recht een antwoord te weigeren, maar geef hier graag meer informatie over omdat ik het zo mooi vind om te doen. Please feel free to ask anything, en ik hoop tot mijn volgende blog.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *