Moedermelk

Moedermelk bij draagmoederschap?? Kan dat dan?

Nu het steeds meer tot mensen doordringt hoe belangrijk mensen-melk is voor mensenbaby’s, rijst natuurlijk ook de vraag of draagbaby’s ook moedermelk kunnen krijgen. Het antwoord is eenvoudig: ja. Sterker nog, het gebeurt al. En is dat de moeite waard? Absoluut. Maar er zijn uiteraard wel keuzes die je moet maken, die niemand anders voor jullie kan maken. Er zijn drie opties: Wens-moedermelk,  draag-moedermelk en donor-moedermelk. Hieronder meer informatie over de drie opties.

Wens-moedermelk

Bij een homo koppel is het vrij duidelijk: geen van beide wensouders zal melk kunnen geven. Maar bij een hetero stel is dat anders. In principe kan elke vrouw een melkproductie op gang brengen, ook als ze nog nooit zwanger is geweest. Het is natuurlijk prachtig als dat lukt – zelfs al is het maar deels. Een vrouw die gebruik moet maken van een draagmoeder, heeft vaak al een zwaar gevecht achter de rug. De draagmoeder doet voor haar wat de wensmoeder vaak liever zelf had gedaan. Wanneer dragen en baren niet zelf kan, is voeden een hele mooie manier om toch een fysieke band met je kindje op te kunnen bouwen. Voor wie ervoor wil gaan, is het beste advies om contact op te nemen met een lactatiekundige, voor degelijke uitleg en begeleiding. Met het op gang brengen van de melkproductie zal ruim voor de geboorte van de baby gestart moeten worden. Zie voor meer informatie ook dit artikel van Dr. Jack Newman over borstvoeding bij adoptie. Een lactatiekundige vinden kan op de website van de NVL.

Boertje latenDraag-moedermelk

Als zij dat ziet zitten, kan de draagmoeder na de geboorte meteen beginnen met kolven. Het is relatief eenvoudig om voldoende melkproductie te creëren voor een kindje. Moeders die kolven omdat hun kindje niet meteen aan de borst kan (bijvoorbeeld bij hele jonge couveuse baby’s) krijgen vaak eerder te maken met teveel dan met te weinig melk. Eenvoudig betekent echter niet dat het niks voorstelt! Zeker de eerste dagen zal de draagmoeder toch elke 2-3 uur moeten kolven en liefst ook ’s nachts, om de melkproductie goed te stimuleren. En ook daarna zal ze met regelmaat een kwartiertje ervoor uit moeten trekken om te kolven. De draagmoeder is de enige die kan aangeven of ze denkt dat ze dit emotioneel aan kan. De ene draagmoeder kan het makkelijk los koppelen van eventuele moedergevoelens, terwijl de andere draagmoeder angst heeft door het kolven tegen emotionele problemen aan te lopen met betrekking tot het afstand doen. Dit is een heel persoonlijke keuze, die niemand anders kan maken dan de draagmoeder zelf. Ook in praktische zin moet ze het aankunnen. Het eigen gezin draait gewoon verder en kan de tijd en energie van een pas bevallen draagmoeder al snel opslokken. Als ze wil gaan kolven, is het aan te raden om als draagmoeder en wensouders samen minstens één consult bij een lactatiekundige te hebben. De draagmoeder kan dan uitleg krijgen over het kolven en de wensouders over het vervoer, bewaren en bereiden van de moedermelk.

Zelfs als de draagmoeder het niet ziet zitten om weken of maanden te kolven, dan loont het de moeite om wel de eerste 3-4 dagen te kolven. De eerste dagen produceert een pas bevallen moeder namelijk colostrum en deze eerste melk zit werkelijk bómvol antistoffen, die een baby een enorm gezondheidsvoordeel meegeven. Het zijn in het begin maar druppeltjes, maar die zijn wel ontzettend waardevol voor de gezondheid van de baby, dat de rest van het leven verschil zal blijven maken. Het is daarom zeker het overwegen waard, om wel die eerste 3-4 dagen voor de baby te kolven. Maar ook daarin geldt, dat alleen de draagmoeder kan bepalen of ze dat aan kan en of ze het wil.

Donor-moedermelk

Als de draagmoeder niet, of enkel de colostrum wil kolven, is er nog wel een alternatief voor wensouders die hun kindje moedermelk willen geven. Ook wanneer de wensmoeder haar melkproductie niet genoeg op gang kan brengen om haar kindje volledig mee te voeden, is dit alternatief een goede optie om mee aan te vullen. Sinds een aantal jaar zorgt het moedermelknetwerk ervoor dat baby’s in dergelijke situaties ook kunnen profiteren van de voordelen van moedermelk. Moeders die overproductie hebben (soms bewust tot stand gebracht), doneren via het moedermelknetwerk hun gekolfde moedermelk aan andere baby’s.

Deze donoren worden uitgebreid gescreend op hun leefwijze, voedingsgewoontes en medische geschiedenis. Ze krijgen een bloedtest om uit te sluiten dat ze ziektes hebben die via moedermelk overdraagbaar zouden kunnen zijn. Daarmee is moedermelk via het netwerk een uiterst veilige voeding. Voor meer informatie, kijk op www.moedermelknetwerk.nl.